• Chopard Bag by Chloë Sevigny op de green carpet

  • Film: And Then We Danced

  • Introdans ook nu volop in actie

  • 'Photographic Paintings'

  • Historische Modeshow Sheila de Vries

  • Hoeden van Fabienne Delvigne: verfijnde look

  • Dutch Designer of the Year-titel naar Efteling

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7

Best dressed lawyer!

Bos & Baruch Podcasts

PodCast 4
PodCast 3
PodCast 2
PodCast 1

TROONREDE: KANSENGELIJK EN VEILIGHEID -DEEL 5 -

  De rechtsstaat is het belangrijkste publieke bezit van de samenleving. Het is de basis onder een democratisch land dat sociaal en economisch sterk is en waarin kansengelijkheid als norm geldt. Een jaar geleden werd Nederland geschokt door de brute moord op advocaat Derk Wiersum. Op die dag werd eens te meer manifest hoezeer georganiseerde criminaliteit de maatschappij ondermijnt. Voor de niet-aflatende strijd daartegen is volgend jaar opnieuw extra geld beschikbaar, onder andere voor een nieuw gespecialiseerd team waarin de kennis en kracht van justitie, Belastingdienst en defensie worden gebundeld.

Een wezenlijke bedreiging voor de kwaliteit van de rechtsstaat is dat in ons land iemands huidskleur of naam nog te vaak bepalend is voor zijn of haar kansen. Dat is onaanvaardbaar. Het maatschappelijk debat hierover schuurt soms, maar kan ons ook verder brengen in de strijd tegen discriminatie, racisme en ongelijke behandeling. Bestaande verschillen overbruggen begint bij de bereidheid naar elkaar te luisteren.

De regering realiseert zich hoe cruciaal in het publieke domein het vertrouwen is in het handelen van de overheid zelf. De overheid moet naast mensen staan, niet tegenover mensen. Daarom is het zo belangrijk dat de inwoners van Groningen die door de aardbevingen zijn getroffen zo snel mogelijk kunnen rekenen op herstel van de geleden schade en versterking van hun huizen, en is de regering er alles aan gelegen de gedupeerde ouders in de toeslagenaffaire snel te compenseren. Investeren in de kwaliteit van de publieke dienstverlening blijft noodzakelijk.

Voor de lange termijn zijn in deze periode richtinggevende keuzes gemaakt in het Pensioenakkoord en het Klimaatakkoord. Als de noodzakelijke solidariteit tussen jong en oud ergens gestalte krijgt, dan wel rond deze twee thema’s. De uitwerking en uitvoering van beide akkoorden vraagt een lange adem. Het pensioen wordt persoonlijker en transparanter. Door nu te hervormen, kan er straks voor iedereen een goed pensioen zijn. De regering hoopt in 2021 het wetsvoorstel voor de vernieuwing van het pensioenstelsel in te dienen.

Het perspectief van het Klimaatakkoord en de Klimaatwet is een vermindering van de CO2 -uitstoot met minimaal 49 procent in 2030, op weg naar een klimaatneutraal Nederland in 2050. Later dit najaar verschijnt de eerste Klimaatnota. Voor komend jaar zitten er verschillende maatregelen in het vat, zoals een CO2-heffing voor de industrie, een kleiner aandeel van kolencentrales in de elektriciteitsproductie, en maatregelen om de circulaire economie, waarin afval weer grondstof wordt, te stimuleren.

Daar bovenop wil de regering een vliegende start maken met het Nationaal Groeifonds. Dit fonds is er voor het toekomstig verdienvermogen van ons land en daarmee voor de welvaart van morgen. Met het fonds wil de regering investeren in kennisontwikkeling, innovatie en infrastructuur. Dat laatste omvat naast wegen en spoor ook de digitale snelweg en de infrastructuur voor energie. De unieke schaal en de looptijd van het fonds maken het mogelijk Nederland welvarender, schoner en duurzamer over te dragen aan de jongeren van nu. Voor de komende vijf jaar is een bedrag van 20 miljard euro beschikbaar.

Tot slot is door het coronavirus nog duidelijker geworden hoe belangrijk het is ervoor te zorgen dat ook voor volgende generaties de beste zorg beschikbaar blijft. Uit vele internationale vergelijkingen blijkt dat de Nederlandse zorg van wereldklasse is. Maar dat neemt niet weg dat er een grens is aan de spankracht van de zorginstellingen en de mensen die er werken. Voor de korte termijn moeten we daar lessen uit trekken om voorbereid te zijn op een mogelijke tweede golf.

Voor de lange termijn dringen zich andere lessen op, die bijvoorbeeld te maken hebben met de organisatie van de zorg en de werkdruk van het zorgpersoneel, de vraag of meer zorg op afstand mogelijk is en de noodzaak van preventie en zorginnovaties. Het kabinet komt met voorstellen om zoveel mogelijk mensen voor de zorg te behouden en nog meer mensen te verleiden voor deze sector te kiezen, bijvoorbeeld met meer doorgroeimogelijkheden, minder administratie en meer zeggenschap. De waardering voor de werkers in de zorg komt ook tot uitdrukking in een extra bonus voor extra inspanningen, dit jaar en volgend jaar.