Kabinet dient wetsvoorstel EU-asielpact in: uitvoering in 2026
Het kabinet heeft het wetsvoorstel dat het Europese Asiel- en Migratiepact in de Nederlandse wetgeving verankert, aangeboden aan de Tweede Kamer. Het pact treedt op 12 juni 2026 in werking.
Omdat de invoering over precies een half jaar plaatsvindt, vraagt het kabinet om een voortvarende behandeling van de wet.
Met het voorstel wordt vooruitgelopen op een gezamenlijk Europees asielsysteem, waarin lidstaten volgens vaste regels samenwerken. Het pact bestaat uit negen verordeningen en een richtlijn en beoogt de instroom van asielzoekers te beperken, procedures te stroomlijnen en de verdeling van verantwoordelijkheden binnen de EU te verbeteren.
Minister Van Weel spreekt van een noodzakelijke stap richting een strenger en beter uitvoerbaar asielsysteem, met versterkte buitengrenzen, snellere procedures en meer mogelijkheden voor terugkeer.
Het pact introduceert onder meer verplichte grensprocedures voor asielzoekers met geringe kans op bescherming, uniforme screeningsregels aan de buitengrenzen en een uitgebreid Europees registratiesysteem.
Daarnaast worden asielprocedures vereenvoudigd en op onderdelen aangescherpt, onder meer door kortere beroepstermijnen. In de nationale uitwerking verdwijnt de asielvergunning voor onbepaalde tijd, wordt de geldigheidsduur van een vergunning verkort van vijf naar drie jaar en wordt een tweestatusstelsel ingevoerd met strengere voorwaarden voor nareis.
Hoewel het publieke debat vaak wordt gekenmerkt door politieke spanning en scherpe beeldvorming, laat dit wetsvoorstel vooral zien hoe kabinetten in de praktijk doorgaan met het uitvoeren van eerder gemaakte afspraken.
De parlementaire behandeling en de inhoudelijke discussie over de gevolgen van het pact volgen in de komende maanden.









