“Kom erbij, voordat ik naar Hongkong vertrek…”
Op de show van Sheila de Vries wenkt Laura Fygi me lachend.
“Ik moet je iets ongelooflijks vertellen.”
Ik ken haar als een vrouw met lef en plannen en na meer dan veertig jaar zingen, nog altijd een internationale ster. Maar dit keer is het toch weer anders.
“Eind mei vlieg ik naar Hongkong,” zegt ze. “Voor één lied.”
Eén lied?
“Ja. Een beroemd Chinees lied uit 1930. Primavere. Het gaat over… een boterbloem.”
Ze glimlacht. “Het is opnieuw vertaald door een Fransman en speciaal voor mij gearrangeerd.”
Haar optreden maakt deel uit van een groot charity-event met als thema L’histoire d’amour.
Op 29 mei staat ze daar, tussen andere artiesten, na twee dagen repeteren met orkest.
En dan weer terug.
“Ik vlieg erheen en weer terug… voor dat ene lied,” zegt ze. “En ik word de hele week doorbetaald.”
Een kostbare boterbloem dus.
Je zou bijna denken: stel je voor dat Nederlandse zangeressen zo’n opdracht krijgen.
Maar hier groeien de boterbloemen gewoon gratis langs de weg.









