Kymani kijkt rond – De jongen die niet mee wilde varen
Kymani vond hem uiteindelijk waar hij hem het minst verwachtte: thuis, in bed, onder een deken die iets te strak over het hoofd was getrokken.
Via de waranda was hij naar binnen gegaan zoals alleen Kymani dat doet, zonder aankondiging.
“Benji?”
Er kwam eerst niets. Alleen een beweging onder de deken.
Toen schoof er langzaam een hoofd tevoorschijn.
“O man…”
Kymani ging op de rand van het bed zitten.
“Ik kan en wil geen telefoon horen,” zei Benji. “Hij weet dat Solange een paar dagen weg is. Dus ja hoor, dáár is hij weer.”
“Hij?”
“Uwe.”
De naam bleef even hangen.
“Mijn vroegere pleegvader. Hij wil me meenemen. Zeilen. Altijd dat zeilen. Door weer en wind.
Flapperende zeilen, water over het dek… en dan hij die staat te brullen wat ik allemaal moet overnemen.”
Benji zuchtte.
“Hij denkt dat ik daar een stoere vent van word. Maar ik vind het totaal niet chill.”
Kymani keek hem een moment aan, toen stond hij op en liep naar de telefoon alsof die er speciaal voor hem stond.
“Wacht even.”
Hij toetste een nummer in.
“Met Kymani van de redactie van De Couturekrant… ja, speciale producties graag.”
Benji keek hem aan, half wantrouwig, half nieuwsgierig.
“Geregeld,” zei Kymani even later terwijl hij de hoorn neerlegde.
“Ze sturen hem een jack.”
“Wat?”
“Laat hem maar als proefmodel dat geweldige werkjack dragen,” zei Kymani. “Je zult zien dat hij er zo trots op is dat de hele haven erover moet horen.”
Benji kwam iets overeind.
“En wat zeg ik dan?”
Kymani grijnsde een beetje. "Hij krijgt er een kaartje bij."
“Schrijf maar op:
Proefmodel voor de stoere zeebonk Uwe van Benji, die de styling verzorgt voor enkele bekende zeilers.”
Even bleef het stil.
Toen begon Benji te lachen. Eerst zacht, toen iets harder.
Buiten waaide het nog steeds.
Maar ergens, op een haven die nog moest komen, stond iemand al in een jack dat hij nog niet had.
En binnen… was de deken een stukje naar beneden gezakt.
BEELD: HET NIEUWE MONTEREY JACK VAN CARHARTT









